Nog niet zo lang geleden stond Frits Biesterbos letterlijk en figuurlijk op een kruispunt. Na een periode waarin hij zich vooral op de mountainbike had gericht tijdens zijn U23-jaren, zat hij plots zonder ploeg. Een berichtje naar BEAT Cycling veranderde alles: eerst volgde een stagecontract, daarna een plek in de selectie voor 2025. Een seizoen waarin hij zich nadrukkelijk op de radar reed van Team Picnic PostNL en eigenlijk van het hele peloton.
Zijn tweede plaats op het WK Gravel zorgde voor een stroomversnelling. De interesse groeide snel, maar voor Frits zelf was de keuze al gemaakt: hij wilde naar Team Picnic PostNL.
Nu, drie maanden nadat hij – na een razendsnelle ontwikkeling – de stap maakte van clubrenner midden 2024 naar WorldTour-renner in 2026, is het tijd om de balans op te maken. Hoe bevalt die overgang? En hoe kijkt hij terug op zijn eerste maanden op het hoogste niveau?
Een warm welkom en trainingskampen
Zoals elke nieuwkomer begon Frits in oktober op het hoofdkantoor in Deventer, waar hij kennismaakte met de ploeg, zijn materiaal kreeg aangemeten en de eerste indrukken opdeed.
“Ik was daar samen met Timo, dus dat was meteen leuk om elkaar beter te leren kennen,” vertelt hij. “Maar het was vooral heel nieuw: nieuwe mensen, nieuwe omgeving, nieuwe dingen.”
Lang duurde het niet voordat hij op trainingskamp vertrok naar Calpe, in de winter dé uitvalsbasis voor veel wielerploegen.
“Ik was vooral benieuwd wat het verschil zou zijn met wat ik kende. En dat zit ’m eigenlijk in alles: meer begeleiding, meer specialisten. Extra mekaniekers, coaches, soigneurs voor massages, en zelfs een eigen kok. Dat is echt het WorldTour-niveau.”
Toch verliep dat eerste kamp ontspannen. “Het was vrij relaxed, een fijne manier om binnen te komen. Je leert de jongens en staf rustig kennen.”

