Photo Credit: Tour de l’Avenir – Jolypics
Voor veel jonge renners is de Tour de l’Avenir een van de belangrijkste meetmomenten in hun ontwikkeling. De wedstrijd wordt vaak omschreven als de Tour de France voor beloften en brengt in zeven veeleisende etappes het beste jonge talent ter wereld samen.
Voor het Developmentprogramma van Team Picnic PostNL is de koers bovendien een belangrijke kans om te zien hoe de ontwikkeling van jonge renners zich vertaalt wanneer de beste renners van hun generatie samen aan de start staan. Voor de 20-jarige Belg Matteo Vanhuffel eindigde de week met een plek op het eindpodium, als een nieuwe mooie stap in zijn ontwikkeling.
“Ik kijk er met veel trots op terug, maar ook een beetje met gemengde gevoelens,” geeft Vanhuffel toe. “Ik had gehoopt om in de laatste etappe nog een heel mooie prestatie neer te zetten. Dat lukte uiteindelijk niet, waardoor het vooral een kwestie werd van mijn podiumplek verdedigen. Maar uiteindelijk denk ik dat ik er het maximale uit heb gehaald, dus daar kan ik tevreden mee zijn.”
Een prestatie van het hele team
De podiumplaats was zeker niet alleen een individuele prestatie. Het resultaat kwam voort uit een sterke teamprestatie, gebaseerd op een duidelijk doel vanaf het begin van de week. “We hadden de Tour de l’Avenir echt als een groot doel gemaakt,” vertelt Vanhuffel. “We hebben er alles aan gedaan om dat doel te bereiken.”
Dat was vooral in de eerste etappes goed zichtbaar, toen de wind een belangrijke rol speelde en positionering cruciaal was. Vanhuffel en zijn ploeggenoot en mede-klassementsrenner Jurgen Zomermaand werden voortdurend goed omringd door hun teamgenoten, zodat ze vooraan zaten wanneer het peloton uit elkaar begon te vallen. “Vooral in de eerste etappes hebben we heel goed samengewerkt. Jurgen en ik werden fantastisch omringd door onze ploeggenoten. In de latere, zwaardere etappes was het aan Jurgen en mij om het af te maken.”
Vechten voor het podium
De laatste dag bracht een heel andere uitdaging. Met een podiumplaats op het spel kreeg Vanhuffel af te rekenen met een moeilijke dag en besefte hij al snel dat het vooral zaak was om de schade te beperken, in plaats van nog tijd te winnen. “Ik had een hele slechte dag in de laatste etappe,” zegt hij. “Vanaf het begin moest ik temporiseren en mijn eigen tempo rijden. Daarna was het eigenlijk vooral hopen dat ik op tijd over de finish zou komen om mijn podiumplek te behouden.”
In plaats van een rechtstreeks gevecht met de concurrenten, werd de slotklim vooral een strijd met zichzelf. “Op die laatste klim was het eigenlijk vooral een gevecht met mezelf en niet met iemand anders, omdat ik gewoon niet mijn beste dag had.” Toch wist hij stand te houden en zijn derde plaats in het eindklassement veilig te stellen. Een resultaat om trots op te zijn. “Voor mij is het vooral mooi om te zien dat ik tussen de betere U23-renners kan presteren en mijn eigen ding kan doen,” vertelt hij. “Dat geeft me vertrouwen voor de komende jaren.”
